Voldaan. En doodmoe. Niet omdat ik de hele dag had gerend. Maar omdat ik een groot deel van de dag had nagedacht, afgewogen, besloten en gevoeld. Het RIVM schrijft dat mantelzorgers vooral overbelast raken door de stapeling van zorgen. Niet zozeer door één taak, maar door alles wat erbij komt.

Dat raakte me. Volgens het CBS noemen we iemand mantelzorger als die minimaal 8 uur per week en/of minimaal 3 maanden hulp geeft aan een naaste. Maar misschien vertelt het aantal uren dat je er in je hoofd mee bezig bent nog wel meer over de belasting.

Familiegesprek met de zorg

Afgelopen vrijdag was zo’n dag. Hij begon met een familiegesprek met de zorg. Grote thema’s op tafel. Over veiligheid en vrijheid. Over wanneer je de bewegingsvrijheid van je ouders zou moeten beperken omdat er gevaar dreigt voor henzelf of hun omgeving. Over welke risico’s nog aanvaardbaar zijn, welke niet, en hoe je die zo klein mogelijk houdt, het liefst zonder dwang of opsluiting.

Geen eenvoudige vragen. Al helemaal niet omdat het niet vanzelfsprekend is dat je daar als kinderen hetzelfde in staat. Ieder kijkt vanuit zijn eigen relatie met ouders, eigen zorgen en eigen grenzen.

Stem van je ouders

Als volwassen kind vertolk je de stem van je ouders, omdat zij die steeds minder goed kunnen laten horen. En soms vertolk je ineens niet meer hun stem. Dan ben je de dochter die moet meedenken over besluiten die je ouders zelf niet meer kunnen overzien. Besluiten waarvan je je afvraagt of ze die, als ze nog volledig zichzelf waren geweest, ooit hadden gewild.

Dat schuurt!

Na het overleg lunchte ik mee met mijn ouders. We praatten bij. Ik ruimde stapels post en papier op. Vertelde over familie en vrienden. Daarna kwam een oude schoolvriendin van me langs. Zij kent mijn ouders al van vroeger en zij kennen haar. Ze haalden herinneringen op en ik kon even achteroverleunen. Misschien wel het mooiste cadeau van die dag. Samen lachen om verhalen van vroeger en de listen die we bedachten om later thuis te kunnen komen.

Toen kwam het moment waarop ik weer wegging. Niet omdat alles af was. Dat is het nooit. Maar omdat ik een lange reis achter de rug had, tijd wilde doorbrengen met mijn vriendin, en omdat mijn batterij leeg was. Dit was geen luxe, dit was zelfzorg. En juist daardoor kan ik er de volgende keer weer zijn.

Familiedynamieken en grenzen

In mijn werk als therapeut in de ggz zie ik dagelijks hoe belangrijk het is om oog te hebben voor familiedynamieken, voor de invloed die langdurige zorgen hebben op een gezin en voor het bewaken van je eigen grenzen. Als dochter van twee ouders met dementie ervaar ik daarnaast hoe anders het voelt wanneer je er zelf middenin staat.

Misschien herken je het wel

Dat je hoofd overloopt van alles waar je nog over moet nadenken. Dat je blijft malen over gesprekken die zijn geweest of juist nog moeten komen. Dat je onderweg naar huis alweer bezig bent met de volgende afspraak, de volgende beslissing of de volgende zorg.

Juist dan kan het helpen om letterlijk in beweging te komen.

Niet omdat wandelen de dilemma’s oplost. Die blijven vaak even ingewikkeld.

Maar omdat er buiten, stap voor stap, weer wat ruimte ontstaat. Om gedachten te ontrafelen. Om onderscheid te maken tussen wat vandaag aandacht vraagt en wat nog even mag wachten. Om weer te voelen waar jouw grens ligt. En misschien wel de belangrijkste vraag van allemaal weer te horen:

Wat heb ík eigenlijk nodig?

Voel je tijdens het lezen: dit gaat over mij? Dan loop ik graag een stukje met je mee.

Dat kan tijdens een vrijblijvende kennismaking of een losse wandeling. Niet om meteen alle antwoorden te vinden – die zijn er vaak niet – maar om samen te ontrafelen wat er speelt en waar jij weer wat ruimte of richting kunt ervaren.

Een plek waar alles er mag zijn.

Liefde en frustratie. Loyaliteit en grenzen. Verantwoordelijkheid en verdriet. Maar ook humor. Opluchting. En de erkenning dat je soms gewoon moe bent van alles wat je met je meedraagt.